zaterdag 15 augustus 2009

In het jungle kuuroord met Tarzan & Jane

Lieve allemaal,

Dit zal één van mijn laatste updates zijn, over een week ben ik hier weg! Om precies te zijn vlieg ik zondagavond 23 augustus om half 7 ecuadoriaanse tijd, terug naar Holland. De volgende dag zal ik rond half 7 ´s avonds, nederlandse tijd, op Schiphol staan. En ik heb er zin in! Om iedereen weer te zien, in het hollandse eten, in de nederlandse cultuur. Ik heb in dit half jaar genoeg kunnen genieten van Ecuador, het is nu mooi geweest. Eenmaal thuis zal het wel weer even wennen zijn, maar ik heb genoeg zaken om me op te richten: scriptie, rijbewijs en werk!

Maar voor nu, eerst nog een verslag over mijn kleine rondreis. We zijn welgeteld in drie plaatsen geweest: Banos, de jungle rondom Puyo en het chillstrand Canoa. Maar het was helemaal super!

Als eerste vertrokken we naar Banos, wat populair is om zijn warmwaterbronnen die een helende werking zouden hebben. De reis erheen was al indrukwekkend, door het andesgebergte, haarspeldbocht na haarspeldbocht, met naast je een kilometer diepe afgrond. Eng, maar prachtig! Aangekomen in Banos vonden we een supergoedkoop ( zes dollar per persoon) perfect hostal. Snel de spullen gedumpt en op naar die warmwaterbronnen. Nou, we werden er niet warm of koud van. Wij voelden er niet zo veel voor om als haringen in een vat in een zwembad te zitten, ook al zou het helend werken. Maar het was wel leuk leedvermaak om de mensen te zien die zich er wél aan waagden. We besloten het stadje verder te verkennen en al snel zagen we overal ´melcochas´(weet niet of het zo goed gespeld is) die gemaakt werden. Dit is een lokale lekkernij, een soort caramel, superzoet. Het wordt gemaakt van een soort riet, wat tevens eetbaar is, ook mierzoet. Dit wordt gekookt, en zo krijg je een plakkerige brei. Die brei moet gekneed worden en daar zijn ze in Banos uitermate goed in. De blaren op de handen! Wat een werk, maar wat leuk om te zien. Banos staat ook bekend om zijn vele watervallen en dus besloten we die middag een tour te doen langs de meest bekende watervallen. Per ´chiva´(een vrachtwagentje met achterin bankjes) vertrokken we en konden we wederom genieten van de prachtige natuur. Als laatste maakten we een wandeling naar de laatste waterval en daar ervoerden we het ´wauw´effect, we waren er stil van. In Banos zitten genoeg touroperators met duizenden mogelijkheden: bungeejumpen, raften, trekking, kanoen, hiking... en ook tochten naar de jungle. We vonden een goedkope: drie dagen (twee nachten) voor 110 dollar per persoon. Wegens het budget konden we niet langer, jammer genoeg. De volgende dag zaten we om half 8 in de bus met onze gids Alfredo en zijn dochtertje Sascha. Wat een geluk, we hadden deze gids helemaal voor ons alleen! Een beetje een verwarde man, maar zeer hartelijk. Daar gingen we dan, op weg naar Puyo. Daar zouden we als eerste een apenreservaat bezoeken, waar zo´n 30 (getraumatiseerde) apen leven. We werden warm verwelkomt door de grootste aap: Pancho, die ons meenam aan de hand het reservaat in. Werkelijk overal waar je keek, zag je apen. Grote, kleine, dikke, dunne, zwart, bruin, grijs... Ik vond het geweldig. Ik was al gauw dikke vriendjes met mijn soortgenoten. Het zijn zulke bijzondere dieren, echt. Het zijn écht net mensen, met dezelfde gevoelens. Zo was er een piepklein aapje, een vrouwtje, die was verliefd op één van de verzorgers, lieten we ons vertellen. Ze hield alle vrouwelijke bezoekers vanaf het dak van het apenhuis goed in de gaten: kwamen ze te dicht bij haar minnaar, dan liet ze dat goed merken! Schreeuwen, armen over elkaar, weg kijken, neus ophalen...schitterend!

Jammer genoeg konden we hier niet heel lang blijven, er stond nog genoeg op de planning die dag. We stapten in de pick-up en een dik uur later, totaal door elkaar geschud, stapten we uit in een nationaal park waar we onze eerste nacht zouden door brengen. We bergden snel onze spullen op in onze ´hut´en genoten van een heerlijke maaltijd: verse tilapiafilet, gestoomd in bananenblad.

Dit was ons krachtvoer voor de komende middag, we vertrokken na het eten de jungle in. Als eerste werden we getrakteerd op een heerlijk maskertje. Aan de rand van de rivier die we moesten oversteken bevond zich een soort kleisteen. Een beetje nat maken en hup, zo op je gezicht smeren. Dr. van der Hoog is er niks bij! Met onze maskers op gingen we nu écht de jungle in. En dat is zwoegen, uitglijden, soppen, vallen en opstaan, maar ontzettend leuk. We kregen van Alfredo ontzettend veel uitleg over allerlei geneeskrachtige planten, bloemen, bomen en vruchten, maar ook over de vele insecten die we zagen.

De tocht leidde uiteindelijk naar een waterval, maar halverwege waren we de weg kwijt. Na drie keer hetzelfde stuk te hebben gelopen (op den duur herken je die omgevallen boomstammen wel), riep Alfredo dat we moesten komen. Hij had een paar stevige lianen gevonden en vond dat wij die wel konden uitproberen. Ha! En zo kwam het dat we als Tarzan & Jane, mét een maskertje op, door de jungle heen aan een liaan zwierden. Een ervaring om nooit te vergeten.

Ondertussen had Alfredo de weg weer gevonden en uiteindelijk konden we genieten van het superverfrissende water van de waterval. Een schitterende plek om te relaxen en de modder van ons af te spoelen. Na dit waterfestijn vertrokken we terug richting de slaaphutten en werden we opnieuw verwend met een heerlijke maaltijd. ´s Avonds speelden we bij maan & kaarslicht (geen elektriciteit) een kaartspel en om half 10 vielen onze ogen dicht. In onze hut vielen we snel in slaap met de geluiden van duizenden insecten en het water van de rivier op de achtergrond.

De volgende dag, na een mega ontbijt, vetrokken we per kano over de rivier naar een Indigenakamp:een echt indianenkamp. Zij leven daar van ecotourisme: ze gebruiken het toerisme om de natuur te beschermen. Zo maakten zij allerlei mooie sieraden, van pure materialen, er komt geen verf aan te pas. Het was erg indrukwekkend om te zien. Ook daar maakte ik weer een nieuw vriendje: een aapje die heel zielig aan een kettingtje zat. Het leek alsof er niet zo veel naar hem werd omgekeken, aangezien hij mij niet meer wilde loslaten na een paar liefkozingen! Arm schaap.
Door de jungle keerden we terug naar onze verblijfsplaats, we genoten wederom van een heerlijke lunch van de hand van Alfredo en daarna vertrokken we richting onze tweede slaapplaats. Deze lag aan een grote rivier, werkelijk prachtig, en ook midden in de natuur. We werden verwelkomt door de papegaaien. ´s Middags was het chilltime: we hebben een duik in de rivier genomen en gedommeld in de hangmatten. Aan het eind van de middag werden we opgeschrikt door rumoer, mensen druk door elkaar pratend, ´wauw´ zeggend. Wat bleek: we hadden zicht op de vulkaan Sangay. Dit bleek erg bijzonder te zijn, deze vulkaan laat zich bijna nooit zien. We genoten van het uitzicht, het was dan ook écht heel erg mooi. En inderdaad, de volgende ochtend was de vulkaan weer helemaal verdwenen in de wolken.

Die dag was onze laatste dag in de jungle alweer. Hop, laarzen weer aan, en gaan! Dit keer op weg naar een zwembad, eveneens midden in de natuur. Alfredo vertelde ons dat niet veel mensen deze plek kennen en er dus bijna nooit bezoekers komen. En we hadden wederom geluk: we hadden het zwembad voor ons alleen! Prachtig, omgeven door duizenden bloemen en planten, we voelden ons als koningen in het water. Vanaf dit punt hadden we ook een prachtig uitzicht over de jungle zelf, het lag namelijk behoorlijk hoog. Na een uurtje gebadderd te hebben keerden we terug voor een laatste wandeling door de jungle. We eindigden bij een moerasachtig meer waar we misschien kaaimannen konden spotten. Heel stilletjes slopen we langs de oever, hier en daar zagen we luchtbelletjes... maar de kaaimannen lieten zich niet zien. We tuurden en tuurden over het water, en opeens zei Elvis: kijk, kijk, kijk! Hij wees naar de rand van de oever, 3 meter bij ons vandaan. Het bleek een anaconda te zijn! Zelfs Alfredo was onder de indruk en zei: snel snel, maak foto´s! Hij zei dat we superveel geluk hadden dat we een anaconda zagen, dat hij zelf nog maar twee keer een anaconda heeft gezien. Het beest lag roerloos opgerold tussen het struikgewas, maar na een tijdje gleed hij dieper het struikgewas in en was hij snel verdwenen. Wauw!

Na dit toch wel te noemen avontuur keerden we terug voor een laatste lunch, pakten we onze spullen en vertrokken we via bus terug naar Puyo, en via Puyo terug naar Banos. Het waren slechts drie dagen maar het leek veel langer. Het was het primitiefste van het primitiefste, twee nachten amper geslapen vanwege een matras zo dun als een zitting van een tuinstoel, maar dat hoorde er allemaal bij. Ik heb onwijs genoten en zou het zo weer doen. Toen we in Banos aankwamen werden we door Alfredo en zijn dochtertje nog bij hem thuis uitgenodigd om een hapje te eten en te drinken. Daar leerden we zijn vrouw kennen en zijn andere drie dochters en werden we volgestopt met tortilla´s en warme chocolademelk. Wat een gastvrijheid! Moe maar voldaan keerden we diezelfde avond terug naar Quito en vanaf daar direct door naar Atacames. Vanaf Atacames zouden we namelijk door reizen naar Canoa. Daar kwamen we de volgende dag aan het eind van de middag aan. Een heerlijk relaxed strand, met veel gringo´s, dus ik kon mijn engels en duits weer een beetje oefenen, wat vies tegen valt na 6 maanden spaans te hebben gepraat. We hebben daar in Canoa eigenlijk weinig gedaan, gewoon heerlijk gechilld op het strand, genoten van lekker eten en lekkere cocktails. Het was een perfecte afsluiting!
Nu, weer terug in het rumoerige Atacames. Het toerisme viert hier hoogseizoen, je kunt werkelijk over de koppen lopen. Niet echt voor mij weggelegd, al die drukte, schreeuwende, slenterende, dronken mensen. Maar goed, nog een weekje en dan ben ik weer thuis! En misschien verlang ik dan wel weer terug naar deze feeststad!
Liefs, hester


dinsdag 28 juli 2009

Via Walvissen naar Anaconda´s..

Hola hola!
Allereerst nog een paar foto´s die bij het vorige bericht horen, maar die ik toen niet kreeg geplaatst:

Elvis en ik op de Teleférico

Ik op 4000 meter hoogte, koud, genietend van het zonnetje!

Elvis, ik, Rachel + surfleraar op het strand van Montañita


Elvis na een uurtje surfen in Montañita.

Is weer eens wat anders dan alleen duiven: leguanen in het speciale leguanenpark in Guyaguil!

Ik heb een hele leuke laatste dienst gehad. Voor het eerst weer een hele dag op de verloskamers gestaan ipv alleen in de nacht. Het was erg gezellig, ik had een grote taart gekocht en een grote bos bloemen voor Yolanda, die ontroerd was. Maar we hadden afgesproken niet te gaan huilen! Dus dat deden we ook niet en ws het supergezellig.Tussen de middag ruilden we het niet altijd even lekkere ziekenhuiseten in voor lekkere camarones apanadas (gepaneerde gebakken garnalen) en ´s middags aten we taart. Ondertussen haalden we herinneringen op en moest er natuurlijk ook nog gewerkt worden! Het voelde raar aan, de bevallingen die ik begeleidde. Ik heb in dit ziekenhuis, met grote dank aan Yolanda, zó veel mogen leren. Was ik vorig jaar nog bang om een knip te zetten en te hechten en was ik blij als de vrouw in kwestie niet uitgescheurd was, zo kijk ik nu juist uit om de mooiste hechting ever af te leveren. Het voelde dubbel, alsof mijn leerproces op dat moment zou stoppen. Want ik wist dat dit de laatste bevallingen hier zouden zijn. Die nacht sliepen Yolanda en ik, tussen de bevallingen door, zij aan zij op een matrasje op de grond. En ´s ochtends zat het er dan echt op.. In de laatste week dat ik hier ben zal ik nog 1 x naar het ziekenhuis gaan om echt afscheid te nemen.

Nu echter iets heel anders! Dit berichtje typ ik vanuit het frisse Quito.
Gistermiddag ben ik met Elvis naar Quito vertrokken, vannacht heb ik sinds 5 maanden voor het eerst in een heerlijk frisse kamer geslapen onder dikke dekens, nadat ik een superhete douche had genomen. Wat was dat genieten! Ik had nooit gedacht dat ik nog eens zou verlangen naar ´kou´. Maar die warme douche, wat een luxe na al die tijd koud water.

Vannacht slapen we nog 1 nachtje hier en morgenvroeg begint onze korte rondreis. We beginnen in Baños, een stadje wat populair is om zijn warmwaterbronnen en thermale baden, omringd door diverse vulkanen. In Baños hopen we goedkoop een jungletour te boeken, naar de zogenaamde ´Oriente´, het tropisch regenwoud van Ecuador. Het schijnt veelbelovend te zijn: een enorme diversiteit aan planten, dieren en insecten. Ecotoerisme staat hier hoog in het vaandel en dat is maar goed ook, aangezien er steeds meer flora en fauna verdwijnen door toedoen van de mens. Ik ben erg benieuwd wat ons te wachten staat en heb er heel erg veel zin in!

Na de jungletour hangt het van het overblijvende budget af waar we verder nog heen zullen gaan. Op het verlanglijstje staat in ieder geval nog: Otovalo (voor de souvenirs), Cuenca, Riobamba en Canoa. Na de ´Oriente´ keren we in ieder geval eerst terug naar Quito, dus ik zal jullie op de hoogte houden!

Wat ik ook nog moet vertellen, is dat ik voor het eerst in mijn leven LIVE walvissen heb gezien. En dan niet zomaar van een afstandje! Ik zeurde al ruim 5 maanden aan Elvis zijn hoofd wanneer we nou eens Walvissen zouden gaan spotten. In Atacames vertrekken er namelijk dagelijks bootjes vol toeristen. En Elvis zou een vriend hebben die hem wel korting wilde geven. Eindelijk was het dan zo ver, in de laatste maand dat ik hier nog zit, zouden we Walvissen gaan zien. Voor 10 dollar klommen we in het bootje dat vol zat met ´echte´ toeristen: schreeuwend, arrogant, camera in de hand en dit alles omringd door een dikke zonnebrandcreme lucht. Toen we eenmaal de zee op gingen werd ik bijna doof door het gegil bij iedere golf. En ze waren écht bang! Voor mij onbegrijpelijk dat het in de bus van Atacames naar Quito altijd doodstil is, mensen slapen en zijn rustig, terwijl ik juist dan mijn adem in hou als de bus door de haarspeldbochten en diepe afgronden scheurt. Maar nee, de mensen hier zijn bang voor een beetje water. Maar goed, to the point! Na een halfuurtje varen waren we echt diep op zee, de kust was heel in de verte te zien. En daar toonde zich de eerste walvis: een baby! Geluk, want dat zou betekenen dat er ook nog een moeder in de buurt zou moeten zijn. Al gauw liet zij zich ook zien, wat een enorm, immens groot dier! Ik vond het echt super, ze kwamen zó dicht bij de boot. Het zijn prachtige beesten, maar vooral echt heel groot. Het enige wat ik steeds dacht toen ze zich weer lieten zien was: wauw, wat groot, wat groot, wat GROOT!!! Ik heb mooie video´s kunnen maken. Na zo´n 20 minuutjes keerden we terug, intens gelukkig, beseffende dat dit echt wel speciaal is.

Nu staat ons iets heel andere te wachten: anaconda´s, grote mieren en spinnen, piranha´s en honderden soorten vogels...spannend!

Tot de volgende blog!

Liefs hester

zondag 19 juli 2009

Het aftellen kan beginnen...

Hola hola!

Ik had beloofd dat mijn volgende update sneller zou verschijnen, dus ik heb mijn best gedaan :)
Drie weken geleden ben ik samen met Elvis een weekje weg geweest van Atacames. En het was heerlijk! We zijn eerst naar Quito gereisd, hebben daar een beetje de toerist uitgehangen. Elvis was nog nooit naar de Teleférico geweest, iets wat je toch zeker een keer moet hebben gedaan als je Ecuador bezoekt, laat staan als je in Ecuador woont. De Teleférico is een lange kabelbaan die je in 14 minuten 1000 meter hoger brengt in de bergen. Eenmaal boven aangekomen, kun je op 4000 meter genieten van een schitterend uitzicht over heel Quito. Ik was er vorig jaar al geweest, maar vond het leuk om samen met Elvis nog eens te gaan. Ik heb goed gelachen om Elvis, die het maar niks vond, omhoog in zo´n bakje en dat 15 minuten lang. Hij vond het doodeng! Schijtluis! Maar toen we boven waren en genoten van het uitzicht en de stilte (we waren haast de enige bezoekers, geluk!), vond hij het toch wel leuk. Ondanks de kou.
We zouden eigenlijk twee dagen in Quito blijven, maar ´s avonds werd Elvis ziek: vreselijk koud, hoofdpijn, misselijk, koorts. Waarschijnlijk door de hoogte en de kou, haha, van 30 graden naar zo´n 10 graden is iets te veel van het goede voor mijn ´negro´ . En dus vertrokken we diezelfde avond nog naar Guyaguil, om vanaf daar door te reizen naar Montanita. Guyaguil heeft zo´n beetje hetzelfde klimaat als Atacames en dus voelde Elvis zich steeds beter naarmate we dichterbij kwamen. In Montanita zouden dat weekend nationale surf & bodyboard kampioenschappen gehouden worden, dat wilde ik wel eens meemaken. Het was in één woord GEWELDIG. Montanita moet je voorstellen als een groot surfdorp op het strand. Op iedere hoek van de straat kun je surfplanken huren, kun je je inschrijven voor surflesen. Werkelijk iedereen loopt op slippers. Overal zie je hostals, bars en restaurantjes, overal zie je straatartiesten en overal zie je ´kunstenaars´ die hun koopwaar (allerlei zelfgemaakte armbandjes, oorbellen, portomoneetjes, noem het op) tentoonstellen. Verder stikt het er ook van de straathonden. Dat is een beetje een kleine impressie van Montanita. Ik was er vorig jaar ook al geweest, maar het was nu extra leuk vanwege de kampioenschappen. Het was grappig, normaal word ík in Atacames nagekeken (als blanke), maar nu werd Elvis nagekeken. Er waren namelijk zó veel ´gringo´s´, werkelijk overal om je heen hoorde je engels, duits of frans. De kampioenschappen zelf waren leuk om te zien en het niveau was vrij hoog. Twee dagen lang bakken op het strand, om je heen enkel surfplanken en surfdudes, ´s avonds feesten op het strand of in één van de barretjes.. Ik heb goed genoten.
Morgen is mijn laatste dienst in het ziekenhuis.. Het zal raar zijn. Ik ga een grote taart kopen om iedereen te bedanken. Ik zal ze zo gaan missen! Het sfeertje in het ziekenhuis, het werk... Ik heb daar zo veel mogen meemaken, zo veel kunnen leren. Zo veel situaties meegemaakt die in Nedrland gewoon onmogelijk zijn. Ik ben daar enorm dankbaar voor en zal ze dat morgen persoonlijk laten weten!
Vanaf morgen precies nog 5 weken voordat ik terug naar Holanda moet.. Een dubbel gevoel, aan de ene kant verlang ik wel weer naar NL, sommige dingen hier ben ik behoorlijk beu. Maar aan de andere kant zou ik er alles voor over hebben om hier nog iets langer te kunnen blijven...
Nog vijf weken extra genieten dus!
Foto´s volgen snel, er doet zich een probleem op met uploaden :(

Liefs, hester

woensdag 24 juni 2009

Ik leef nog!




Hola!
Eindelijk weer eens een update op mijn blog! Via het thuisfront hoorde ik al dat er van diverse kanten werd gevraagd of het nog wel goed met me ging, of ik nog wel leefde, want er was steeds maar geen nieuw bericht op mijn site en op het laatst bleek mijn site het helemaal niet meer te doen… Ikhad toch geen varkensgriep gekregen?! Nou , ik leef nog steeds en het gaat nog goed met me ook! Mijn update had eigenlijk twee weken terug al op mijn blog moeten staan, maar door een of andere bizarre reden is dat dus niet gelukt. Zit je daarvoor drie uur in het internetcafé! Maar goed, ik probeer het gewoon opnieuw. Er is een hoop gebeurd , dus ga er lekker voor zitten!

* poster i.v.m. griep*

Allereerst, Moederdag.
Moeders worden hier geadoreerd op Moederdag, in de volle zin van het woord. De hele dag (en ook de avond voor Moederdag) staat in het teken van MAMA. Er zijn speciale programma’s op tv: zo kun je op tv zeggen hoeveel je wel niet van je moeder houdt, of kun je dingen winnen. Voor je moeder uiteraard. Ook worden er speciale moederdagliedjes gedraaid. En op de dag zelf wordt er tegen elke vrouw ‘feliz dia mama!’ geroepen. Later op de dag kwam ik erachter dat de moeders hier op Moederdag ook zo zat als een aap mogen worden. Een fraai gezicht, moeder zwalkend over straat, aan de ene hand haar kind en aan de andere hand haar echtgenoot.
Ik zelf heb mijn eigen mama om 2 uur ’s nachts (in Nederland 9 uur ’s ochtends) verrast met een telefoontje. Ik kan je vertellen dat de stem van je moeder horen, terwijl je zelf aan de andere kant van de wereldbol zit, je zoveel goed kan doen! Ondertussen is het ook al Vaderdag geweest, en die dag was hier beduidend minder ‘populair’ dan Moederdag. Niks geen speciale ‘Vaderdagliedjes’ of de hele dag enkel voetbal of wielrennen op tv. Voor mij maakte het niet uit, ik hou evenveel van mijn vader als van mijn moeder en dus heb ik mijn lieve papa een megagrote kaart gestuurd met een tegoedbon voor een ontbijtje op bed!

Ten tweede, verhuisd.
Inmiddels ben ik al twee keer verhuisd. Ik had een contract getekend voor 4 maanden voor het appartementje. Echter betekenen contracten en handtekeningen hier niet zoveel als in Nederland. Na nog geen twee maanden bleken er namelijk kopers te zijn voor het betreffende appartement en werd ik er zonder pardon uitgezet. De eigenaar van het appartementencomplex had gelukkig nog wel een alternatief voor me, in hetzelfde gebouw. Uiteindelijk bleek dit een veel schoner, ruimer en mooier appartement te zijn en vond ik het helemaal niet zo erg om te verhuizen. Welgeteld 16 dagen heb ik ervan kunnen genieten, want er bleken weer kopers te zijn. Ik was de boel nu wel een beetje zat en besloot per direct zelf op te stappen. We gingen op zoek naar een ander ‘verblijf’. Het was niet simpel om hier iets te vinden wat een klein beetje voldeed aan mijn wensen, terwijl ik toch best flexibel ben. Ik wilde enkel een bed met een redelijk matras, een eigen wc + badkamer en de mogelijkheid om iets te koken. Die combinatie is hier moeilijk. Je kunt voor 300 dollar een ‘cuartro’ kopen, letterlijk vertaald een kamer. Veel mensen die hier wonen doen dat en richten het dan zelf in met een matras, een kooktoestel, een ventilator, het ligt er maar net aan hoeveel geld je hebt. Echter kon ik me dat niet veroorloven om al die dingen nieuw te gaan kopen voor 4 maanden. We zochten verder, er kwamen aantrekkelijke kamers voorbij, maar sommigen hadden bijvoorbeeld enkel ’s ochtends licht en enkel ’s avonds water. Uiteindelijk mochten we bij een goede vriendin van Elvis, Sandra, die een hostal heeft, dus kamers per nacht, bivakkeren voor 120 dollar per maand. Het is een kamer van 4x4 meter en bestaat enkel uit een tweepersoonsbed en een stapelbed en een piepklein badkamertje. Maar ik was blij en Elvis was ook blij. We kregen een kopie van de sleutel van de keuken van Sandra en we kunnen daar dus naar hartelust koken. Ook is er een binnenplaats, met mooie planten en bloemen en lekkere luie hangmatten. Ideaal voor mijn katjes! Ja katjes.

Want, ten derde, heb ik er een derde huisgenoot bij.
De buurvrouw stond me met tranen in haar ogen op te wachten, met een pluizig wit bolletje in haar handen. Ze had het pluizig witte bolletje op straat gevonden, zoals ik het allereerste katje ook had gevonden. Echter kon zij er niet voor zorgen, waar zij woont zijn huisdieren verboden. Het poesje piepte aan één stuk door en was écht nog heel klein. Ze wist niet wat ze moest doen zei ze, maar ze wist dat ik al meerdere katjes had ‘gered’, en daarom wilde ze aan mij vragen of ik er misschien voor kon zorgen… Ik kon natuurlijk geen nee zeggen. Twee slapeloze nachten later ben ik blij dat ik geen ‘nee’ heb gezegd, het is zo’n droppie! Het is een vrouwtje, en ook al is ze nog zo klein, ze vreet me (net zoals het andere zwarte katje) de oren van mijn hoofd. En dan ook echt alles: rijst, brood, brokjes, tonijn, melk, gehakt… alles gaat erin. Ze groeit als kool en speelt veel met het andere katje, ook al is die 3 x zo groot. Omdat het vrouwtje wit is, en het mannetje zwart, vonden Elvis en ik het wel toepasselijk om hen ‘Elvis’ en ‘Hester’ te noemen.

* is het geen droppie!*

* samen brokjes eten*

* samen in een handdoek na een douche met vlooienshampoo*

* zoek de poes!*

* lekker lui*

Het vierde punt, mijn stage.
Na een poos op de verloskamers te hebben gestaan, waar ik in korte tijd 60 bevallingen heb kunnen doen en tig patiëntes heb kunnen voorbereiden voor een keizersnede, was het tijd voor iets anders. Ik ben bijna twee maanden bezig geweest met het regelen van een stage in een Rehabilitatiecentrum voor alcohol en drugsverslaafden. Het leek me een enorme uitdaging en via via had ik contact gekregen met deze kliniek. Echter gaat alles hier zo laaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaangggzaaaaaaaaaaaaaaaaaammm. En zeggen ze de ene dag dat ik volgende week kan komen, maar zeggen ze de volgende dag dat er iets is tussengekomen en dat ik nog even moet wachten. Het was een prachtstage geweest waar ik heel veel van had kunnen leren, en dichtbij, in Atacames zelf. Maar helaas kon dit niet gerealiseerd worden en heb ik na twee maanden maar gezegd dat het niet meer nodig was.
Ik had tussendoor, als het niet druk was op de verloskamers, wel eens een tijdje op Spoed gestaan, waar je altijd wel ergens kon helpen. Toch was dat niet echt mijn ding, het zijn voornamelijk mannelijke patiënten die (al dan niet dronken) een ongeluk hebben gehad (of veroorzaakt?) en één of meerdere wonden hebben die schoongemaakt en gehecht moeten worden. Of het zijn veel te dikke vrouwen die lijden aan een hoge bloeddruk. Wanneer je ze vertelt dat ze zich waarschijnlijk beter zullen voelen wanneer ze minder strakke kleren aan trekken, gezonder eten en meer bewegen, kijken je ze met grote ogen aan.
Daarom koos ik voor de afdeling Pediatrie en Neonatologie. Past precies in mijn straatje wat betreft moeder&kind zorg! Verloskunde is een passie, maar kind&jeugdzorg staat op een dikke tweede plaats. Ik heb in België altijd genoten van mijn stages op Neonatologie en op NIC (Neonatal Intensive Care). En zo geniet ik nu weer van al die koddige babytjes. Maar schijnt bedriegt, het is niet altijd even leuk. Er overlijden héél veel kindjes. Toch zeker één in de week. En er zijn zó weinig middelen wat betreft beademingsystemen, fototherapie, sondevoeding. Staat er in België naast elke couveuse een flacon handalcohol, staat er hier één flacon voor de hele Neonatologie. Het is dus niet zo heel erg gek dat de meeste kindjes overlijden aan een infectie. Ook worden er te vaak veel te vroeg geboren kindjes binnen gebracht. Dan spreek ik over 25-26 weken, met een gewicht van 800 gram. Laatst was er zelfs een ‘pobresito’ (arm jochie) waarvan we niet wisten hoe oud het was (de mama had geen echo’s laten maken en wist ook haar datum van haar laatste menstruatie niet meer), maar wat we wel wisten was dat het ongelofelijk klein was: 550 gram. Het jongetje werd ingewikkeld in luiers en watten, daarna in een zwart plastic tasje gestopt en daarna in de couveuse gelegd. Met enkel een infuusje en een slangetje in zijn neusje voor extra zuurstof.

*pobresito*

Op dat moment weet je eigenlijk al dat je dweilt met de kraan open, maar toch doe je het. Je blijft hopen, op een wonder, of zoals de meeste mensen hier, op de hulp van God. Het is dus zeker niet altijd genieten, maar gewoon keihard werken. Doen wat je doen kunt.

* couveuse delen met je broertje*

Op de Pediatrie is het iets minder heftig. Ligt de Neonatologie vaak vol, zo is het op Pediatrie vaak heel stilletjes. De leeftijd van de kinderen varieert van 6 maanden tot 14 jaar. De meesten lijden aan een (lucht)infectie of zijn uitgedroogd. ‘Malnutrition’ komt hier nog veel voor, ten gevolge van matige hygiëne wat betreft voedsel en water. Gelukkig worden de meeste kindjes snel opgelapt. Mijn werk op Pediatrie bestaat voornamelijk uit het toedienen van medicatie en zuurstoftherapie, controleren van de parameters en informatie geven aan de ouders/verzorgers. Maar het leukste in het contact met de kinderen zelf. “Waar kom je vandaan?” “Waarom ben je hier dan?” “Waarom ben je zo wit en niet donker, zoals ik? “ “Als je hier bent om te helpen, wie helpt dan nu de kinderen in jouw eigen land?” “Waarom ben ik zo ziek en mijn zusje niet?” “Denk je dat dit het werk van de duivel is?” Vragen waarop ik niet altijd antwoord kan geven, vragen die je even doen stilstaan en doen nadenken.

* kindjes op Pediatrie*

* verpleegkarretje*

* aan de fles*

’s Nachts is het op beide afdelingen vaak rustig, integendeel tot de Verloskamers. En dus help ik ’s nachts mee op de Verloskamers en/of kraamafdeling. Na de bevalling verblijven de vrouwen twee uur ter observatie op de verloskamers, daarna worden ze verhuisd naar de kraamafdeling, waar ze 24 uur blijven indien zich geen problemen voordoen. Na die 24 uur ontvangen zij geen enkele zorg, dus zij gaan naar huis, met de taxi, bus, of lopend en staan er dan alleen voor. Niks geen verloskundige die je nog komt bezoeken of een kraamhulp die je advies geeft en meehelpt. In de 24 uur dat zij op de kraamafdeling liggen moeten zij dus alles leren voor de komende 6 weken. Daarom heb ik een Spaanstalig foldertje gemaakt met de in’s en out’s wat betreft borstvoeding en verdere informatie over de meest voorkomende problemen in het kraambed. Ik help de vrouwen in die 24 uur met de borstvoeding en geef zo veel informatie als ik kan. Het geeft enorm veel voldoening echt iets te betekenen voor hen. Ik had me geen betere stage kunnen voorstellen!

*meisje van 16 jappy met haar kindje*

* Dr. Trivino bekijkt pelvimetrie bij gebrek aan een lichtkast*

Over al die zieke kindjes gesproken. Ten vijfde: Ik ziek.
En hoe! Ik lag werkelijk krom van de pijn. En ik wist gelijk wat ik had: diarree. Deze overweldigende krampen konden maar één ding betekenen. Het begon ’s middags, maar toen was het nog goed te hendelen. Er werd water met oregano voor mij gekookt wat ik zo heet mogelijk moest opdrinken. ’s Avonds werd het erger en toen moest ik limoen met zout opeten. Elvis werd geconfronteerd met een zieke Hester: die wilt niet eten, wilt niet drinken, wilt niet praten, wilt haar ogen niet op doen. Alleen maar stil liggen en hopen dat het snel overgaat. Maar dat ging het niet. ’s Nachts stond Sandra aan de deur omdat ze bezorgd was: ze had iemand hard horen schreeuwen. Tja, dat was ik. Ik wist niet waar ik het moest zoeken, ik lag werkelijk dubbel van de pijn. Alsof iemand mijn organen eruit wilde rukken. ’s Ochtends vroeg sleepte Elvis mij naar een geneesvrouw. Kosten voor het consult: drie eieren en drie dollar. Ik moest mijn shirt uit doen en er werd met een touwtje mijn borstomtrek gemeten. Het touwtje ‘sloot’ echter niet, er was een ‘gat’. Dit was een slecht teken. Er was iemand in mijn omgeving die het op mij voorzien had. Het touwtje werd dubbelgevouwen en in de handen van het vrouwtje op mijn hoofd gelegd, die allerlei dingen prevelde. Vervolgens werd weer mijn borstomtrek gemeten, maar nee, er was nog steeds een gat. En dus prevelde ze verder, toen uiteindelijk het gat gesloten was. Toen waren de eieren aan de beurt. Eén voor een ging ze met de eieren over mijn hele lichaam, mijn ogen, mijn oren, mijn neus, mijn haren, mijn armen, mijn benen, mijn buik, mijn navel. Toen dat gebeurd was met alle drie eieren, ging ze even weg en kwam ze terug met de eieren gebroken in een schaaltje. Eén eierdooier was heel, de andere twee waren gebroken. Het eiwit was op de bodem troebel, meer naar het oppervlak helder. Eerst zei ze dat ik zwanger was. Elvis zette grote ogen op. Ik zei dat dat onmogelijk was en moest zelfs een beetje lachen om al dit gedoe. Maar toen zei ze iets over de koorts, en over de diarree. Ik mocht die dag geen kaas, boter,melk of eieren eten en ook geen kip. Ik moest een drankje drinken van 5 appels, twee tomaten en zout. En veel cola drinken. En morgen zou ik me veel beter voelen. Met die adviezen namen we afscheid van het gerimpelde vrouwtje met grijs haar tot op haar billen. Op de terugweg naar huis vroeg ik aan Elvis of hij écht in dit geloofde. Hij werd bijna boos toen ik zei dat ik er niet zoveel vertrouwen in had. Ik heb al zo vaak diarree gehad, daar kun je weinig aan doen, behalve zorgen dat je niet uitdroogt. Maar nee, Elvis zei dat ik wel hoop moest hebben, want ja, anders werkte het natuurlijk helemaal niet.
Dus toen ik terug in bed lag dacht ik bij iedere kramp: ik heb hoop, ik heb hoop, ik heb hoop. Ook toen ik het vieze drankje van appels en tomaten opdronk.
En waarachtig, je gelooft het niet. Maar de volgende dag voelde ik me stukken beter. Het rommelde nog goed beneden in mijn buik, maar ik had niet meer van de afgrijselijke krampen. Caramba!

* zou ik ziek zijn geworden van mijn eigen heerlijk klaargemaakte camarones encocado?*

* in ieder geval niet van deze krabben, wel een foto waard!*

* misschien van het ziekenhuis eten? tonijnsoep, rijst, vlees en gebakken banaan*

Ten zesde: rondreizen.
Ik zou eigenlijk met Karen gaan rondreizen door Ecuador. Wegens omstandigheden kan dit helaas niet doorgaan. Karen haar visum werd niet verlengd en is nu thuis in Nederland. Ik weet niet precies wat ik nu ga doen. Ik wil dolgraag meer van het land zien, wat me vorig jaar niet is gelukt. Maar om nou in mijn eentje te gaan rondreizen… nee. Elvis zou me dolgraag vergezellen en ook ik zou dat superleuk vinden, maar het probleem is het geld. Elvis verdient bar weinig en ik kan gewoon niet alles gaan betalen voor twee personen, hoe graag ik dat ook zou willen. Dus ik weet nog niet echt wat ik ga doen. Misschien de grootste hotspots van Ecuador samen met Elvis, dat ik toch in ieder geval iets van dit mooie veelzijdige land heb mogen proeven. Voorlopig loop ik nog steeds stage in het ziekenhuis, alhoewel mijn stageperiode er eigenlijk al opzit. Maar het ziekenhuis is blij met extra handen en dus werk ik nu meer als vrijwilliger dan als ‘stagiaire’. Ik hou jullie in ieder geval op de hoogte van mijn plannen. Ik zit hier nog twee maanden en die ga ik natuurlijk optimaal benutten!

En, last but not least, mijn verjaardag, 25 mei.
Voor de tweede keer vierde ik mijn verjaardag in Ecuador. Ik had die dag eigenlijk dienst, maar van Yolanda moest ik het me niet in mijn hoofd halen om die dag ook maar één stap in het ziekenhuis te zetten. Nee, ik moest gaan ‘disfrutaren’, owel, genieten van het goede leven. Ik had geen groot feest voorbereid, ik hoopte alleen op een mooie dag met veel zon, zodat ik heel de dag op het strand kon liggen en cocktails kon drinken. In mijn ogen een perfecte invulling van het woord ‘disfrutar’. Met die gedachte ging ik redelijk vroeg naar bed.
Echter om twaalf uur ’s nachts precies moest ik van Elvis uit bed komen en werd ik naar buiten gestuurd. Daar stond hij te glunderen met een enorm bord vol met ‘camarones apanadas’ (ofwel the 4 G’s: gebakken gepaneerde gemarineerde garnalen) mijn lievelingseten hier) en een onwijs grote taart. En tevens een paar grote flessen bier. Ik was blij verrast en werd ook nog eens verwend met nieuwe sieraden. We aten de garnalen, we aten taart en we dronken bier. Een hele goeie combinatie, als je het mij vraagt. Een beetje vreemd, maar wel lekker. Ik kon me in ieder geval geen beter begin van mijn verjaardag wensen.


De volgende dag, alsof mijn gebeden verhoord waren, scheen de zon volop. Eindelijk! Het was een eeuwigheid geleden dat ik naar strand was geweest, omdat het tevens een eeuwigheid geleden was dat het écht strandweer was. Het was wel elke keer rond de dertig graden, maar het was telkens of bewolkt, of je waaide uit je pendex, of er viel een kleine watersnoodramp uit de hemel. Maar op mijn verjaardag scheen de zon, de hele dag! En dus vierde ik mijn verjaardag op het strand.


Ook werd ik gebeld vanuit het thuisfront, om me een fijne verjaardag te wensen. Heel erg lief en tevens bijzonder om vanaf de andere kant van de planeet door je vader en moeder gefeliciteerd te worden. Toen ik thuis kwam van het strand, bleek ik een aantal gemiste oproepen te hebben, maar met een ‘nummer onbekend’. Jammer genoeg kon ik niet terug bellen. Later bleek dat mijn lieve vriendin Machteld mij ook wilde verassen met een telefoontje op mijn verjaardag. Ze had speciaal naar mijn ouders gebeld om mijn nummer te vragen. Hoe jammer is het dat ik mijn telefoon niet bij me had op het strand! Maar Taxi Tonnie, als ik terug ben, doen we het dunnetjes over!

Vee Liefs en de volgende blog verschijnt sneller! BELOOFD!

Kus hes